Besloten in gebroken ribben, beeft
het drieste, klamme bonzen van m'n hart
nog na. Voortaan slaap jij, van mij, apart.
nog na. Voortaan slaap jij, van mij, apart.
Weet ik, zoals elk levend wezen streeft
naar zelfbehoud, nog wel verhalen te
vertellen, zonder dat een droevig slot
gegarandeerd de zieke boel verrot?
Veranderlijke winden hebben me
van kust tot kust, van storm tot storm
gewaaid.
Vervloekte duivels hebben in mijn
bloed
hun gore drift, hun vieze wrok gezaaid.
Edoch, wanneer mijn geest voor korte
tijd
een flits vol tranen op m'n huid
verdraagt,
verdwijnt de nijd in dronken tederheid.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten